Zorgkids Stelling 5:

Stelling 5:

Onze grenzen aan zorg:

– Kind zelf niet lekker in z’n vel
– Stagnerende ontwikkeling
– Veiligheid voor kind zelf en andere kinderen in het geding
– De groep lijdt onder de aandacht voor één kind
– De school “moeten” gaan organiseren rond één kind

    Yes! Hier kun je reageren!

    1. Arno Koch Schrijft:

      Misschien is niet iedereen het met me eens, maar ik ben er van overtuigd dat als je denkt in termen van grenzen je automatisch gaat denken in kaders van beperkingen. De achterliggende motivator is angst; volgens mij een slechte raadgever.

      De grenzen zoals in deze stelling genoemd worden, zijn tevens de toelatingscriteria voor het Speciaal Onderwijs. En die zijn er niet voor niets. Een kind dat met geen zes paarden meer vooruit te krijgen is, totaal onaanspreekbaar is op zijn gedrag, te pas en te onpas wild om zich heen mept en de boel kort en klein slaat, moet je volgens mij niet meer in een gewone klas willen hebben. Maar dan nog zou ik nog heel voorzichtig willen kijken hoe het zover gekomen is; of dit echt structureel is (kind is uit een boom gevallen en heeft hersenletsel) of dat het ‘tijdelijk ontregeld’ is, en na tot rust gekomen te zijn weer normaal kan functioneren.

      Waar ik hier heel erg voor wil waken, is dat deze grenzen niet gebruikt worden vanuit angst; angst dat we iets niet voor elkaar krijgen.

      Bijvoorbeeld:
      Een kind dat regelmatig overprikkeld raakt omdat het structuur en veiligheid mist, daar kun je twee visies op loslaten:
      1. “Dit gaat voorbij onze grenzen aan zorg; dus we verwijzen door naar het Speciaal Onderwijs.” Dat noem ik denken in kaders van beperkingen. Er zal op school niet echt iets veranderen, en zodra het volgende kind zich aandient hebben we hetzelfde probleem.
      2. Ik zou dan liever denken: “Dit is een indicator voor hiaten in onze leeromgeving; wat kunnen we doen om onze leeromgeving van meer structuur en dus veiligheid te voorzien om zo voor al onze kinderen een optimalere leeromgeving te scheppen én het probleem van dit ene kind op te lossen?”

      In het eerste geval, zo vrees ik, raak je in een spiraal omlaag; al duurt het een hele tijd voordat je dat gaat ontdekken. Het trieste is dan dat leerkrachten, ouders en leerlingen geen successen meer beleven en de een na de ander zal afhaken. Daardoor krijgt iedereen nog minder vertrouwen in eigen kunnen en gaat er om nog dreistere maatregelen geroepen worden. (Durf ik de vraag te stellen of dat nu gebeurt? In dat licht denk ik aan een MR vergadering een tijdje geleden) Meer controle, het invoeren van zgn. kwaliteitssystemen, management informatie systemen… Tsja, kun je allemaal lekker druk mee zijn, maar waar is nu het belang van de kinderen? En waar is het belang van de leerkracht? En van … nee, ik zie hier niemands belang dus… Kortstondige foplossingen leveren in mijn ervaring uiteindelijk niets positiefs op.

      In het tweede geval moet je als ouders én school risico’s nemen; je kwetsbaar durven opstellen, alle registers opentrekken om het -op dat moment- onmogelijke mogelijk te maken. (Ben ik als ouder daartoe bereid? JA! Volmondig). En dat geeft een prikkeling, dat is beangstigend, maar naarmate je voortgang boekt wordt het verslavend. Ik denk dat dat de energie was die de eerste 36 paar ouders van deze school voelden. Ja, dat is verdomde moeilijk. Maar opvoeden en lesgeven zijn niet makkelijk en toch is dat waar we allemaal voor gekozen hebben.

      Mijn kinderen zijn het grootste geschenk -en ook het zwaarste- dat ik in mijn leven mocht ontvangen. Ik heb altijd gehoopt dat het zou lukken om ze te behoeden voor ‘leven vanuit angst’ maar dat ze gevoed zouden worden vanuit idealen. Dat was en is waarvoor ik vanaf de eerste dag bewust achter de driehoek stond en ook vandaag wil staan. Ik vind dat onze kinderen dat van ons volwassenen mogen verwachten.

    Plaats een reactie:

    U moet ingelogged zijn om een reactie te plaatsen.